In vogelvlucht

By | Alle daagjes | No Comments

Een fietsritje over het heideveld van Balloo voert mij meestal als afsluiting langs Kampsheide. Uitkijkend vanaf het heuveltje zie ik recht voor mij het Deurzerdiep kronkelen. Links doemt dan altijd de oude schans op. Hier was het dat, volgens de overlevering, Bernhard van Galen (Bommen Berend) met zijn troepen een kampement had opgeslagen op zijn weg naar Groningen. In de volksmond wordt dit gebied het poepenhemeltje genoemd. Geholpen door de rookwolken van mijn eigen nicotinevijand kost het mij vaak weinig moeite mij te verplaatsen in de geschiedenis en hoe het er aan toe moet zijn gegaan. Geschiedenis was op school mijn favoriete vak. Door moderne technieken, en daarmee inzichten, zit er toch nog dynamiek in het verleden. Denk ik. Zo heb ik toch wel enig ontzag gekregen voor de vindingrijkheid en krijgslisten der Duitse edelmannen. Maar doordat ik door de bomen het bos soms niet meer zie wil ik nog wel eens wat feiten door elkaar husselen.Tis ook nogal wat. Binnenkort wordt in het Drents museum, heb ik me laten vertellen, een afgescheurde en uitstekend geconserveerde broekspijp tentoongesteld. Deze heeft toebehoord aan een der kanonniers ( woeste mannen met een kort lontje) die zich al dan niet vrijwillig per kanonskogel richting stad en ommeland had liet schieten (jaren later probeerde Baron von Munchhausen hetzelfde). Tijdens deze vlucht op een projectiel ter grootte van een bowlingbal moet hij rakelings over het meisje van Yde zijn gevlogen. Meisje van Yde..? Das een ander verhaal. Een beetje macaber worden de geconserveerde resten van dit arme kind het veenlijk genoemd. Ook deze zijn in hetzelfde museum te bezichtigen. Maar goed, terug naar het heden. Nu het al weer enige jaren wat rustiger is in en rondom Assen, heeft dit schitterende natuurgebied zich met wat kunstingrepen ontwikkeld tot een rustgever pur sang. Kabbelt het water van het diepje zich zomers rustig stroomafwaarts, zelf heb ik ook wel eens gezien dat het door regenval hogerop met een snelle stroom door het Drentse spoelt. Vredelievend bekijk ik gezeten op het bankje hoe de natuur de warmte van de voorjaarszon omarmt. Groene en blauwe grassen waar de eerste vliegjes speels over heen lijken te dansen. De eerste wesp die ik met een plagerig rookwolkje een andere richting op laat vliegen. De geopende fietstassen waar ik mijn natje en droogje uit heb gevist en mij laaf aan het water uit de bidons van “fietsen en koffie”, een geschenk van de gelijknamige fietsenzaak die mij vorig jaar heeft ondersteunt in mijn tocht. Wat gaat een jaar snel denk ik. Binnenkort zal ik eens wat opnamen proberen te maken met behulp van de camera op het stuur, neem ik mij voor. Fijne dag voor nu.

© J.G.Boomsma

Zomertijd!

By | Alle daagjes | No Comments

De zomer in m’n bol en vanmiddag tegen vijven de klok alvast vooruit zetten. Heb ik vandaag alvast een uurtje langer daglicht. En volgende week zal de wind draaien naar zuid, zeggen ze. Zin in! En vanavond voetjebal kijken. Mathijs de Ligt doet niet mee heb ik gehoord. Verslikt in zijn Bulgaarse yoghurt tijdens het lezen van de opstelling. Fopspeen er in en lekker bijkomen jongen.

fijne en zonnige dag allen.

© J.G.Boomsma

Uitblazen

By | Alle daagjes | No Comments

Melk is goed voor elk. Maar niet voor Jan, want die piest er van. Deze poëtische ontboezeming vraagt om uitleg, vermoed ik. Welnu, het was een plagerig bedoeld woordgrapje uit mijn nog jonge jeugd en had betrekking op het feit dat mijn blaas de inhoudsmaat van een koeienuier aan zou nemen bij de inname van het witte goedje voor het te bedde gaan. Nogal discutabel, vond ik toen. Nu, jaren na dato van die door melkmuilen gedane uitspraak moest ik er de afgelopen dagen toch weer aan denken. Op de dam van een volle sloot ontwaarde ik een bestelbusje, bedrukt met de bedrijfsnaam: Psychologenpraktijk voor Knotse Koeien (PKK). Sommige mensen zien ook overal brood in dacht ik. Al snel werd ik uit deze vooringenomen overpeinzing gehaald toen er een zonderlinge gedaante op sandalen kwam aan gelopen. Met forse wallen onder de ogen vertelde de man mij dat hij nachtdienst had gehad en de hele nacht in touw was geweest, in een fluistersessie met Aagje, Boukje en nog een paar verwarde loeiers. Dit memorabele moment moest ik even laten bezinken en ‘t houdt mij nog bezig, moet ik zeggen. Gekke koeien. Het moet toch niet gekker worden, denk ik. Zou het niet kunnen zijn dat door de toegenomen intensiviteit in de veeteelt, met daarbij allerlei kunstgrepen, de koe het ook even niet meer weet? Tekende ik vroeger (in de tijd van Joris Driepinter) een koe in luttele minuten, tegenwoordig ben ik uren zoet met alleen het aanbrengen van koeienuiers, die het formaat van een aardappelzak overstijgen. Probeer dat maar eens subtiel te tekenen. Uit deze wandelende tankwagens wordt met gemak 8000 liter melk per jaar gewonnen (2500 in 1960). Een product wat we als mens niet echt nodig hebben, behoudens in de zoogtijd (babymelk). Ik ga er van uit dat elke boer begaan is met zijn veestapel, maar dit moet toch anders kunnen, denk ik. Zouden er geen alternatieven zijn te bedenken om deze oer-Hollandse bedrijfstak de helpende hand toe te steken? De witte melkmotor vervangen door een methaanrijke bruine motor, koeienraces, ik noem maar alvast wat. Tegelijk met deze gedachten hoop ik dat de gekte snel voorbij is en niet over slaat naar de rest van de kuddes. Inmiddels sta ik te trappelen van ongeduld om even op de fiets langs de Schotse hooglanders te gaan. Ik blaas dit even uit nu. Fijne dag allen.

© J.G.Boomsma

Vet spannend

By | Alle daagjes | No Comments

Mijn eerste langere rit van het naderende voorjaar zit weer in het geheugen van het kleine digitale tellertje, gemonteerd op het Idworx stuur. Hoewel in de wetenschap dat er (nog) geen apen en beren in onze contreien zijn waargenomen, gaat er de eerste kilometers toch wel veel door mijn kop. Dan begint het echte fietsen toch bij het blauwe plaatsnaambordje Ubbena (gem. Assen). Daar, op dat smalle strookje beton wordt het ruisen van de brede bandjes weerkaatst door de robuuste boomstammen. Als vanzelf klinkt het geluid daarvan alsof elke voorbij zoevende boom mij de maat neemt. Stilletjes wellen er ongemerkt mooie deuntjes op daarboven. Dat veraangenaamt. Maar nogmaals, eerst de stad uit. Schuifelend op het smalle zadel de juiste zit weer zien te vinden, de juiste tandjes van de versnellingsbak in het achterwiel te kiezen, in het ritme komen. En tot de ontdekking komen dat zich tijdens de wintermaanden een hardnekkige vetophoping op buikhoogte heeft voltrokken… Dat valt wat uit de toon. Op mijn nachtkastje, onder mijn kussen, op tafel, ja, zelfs op het toilet liggen inmiddels allerhande blaadjes en tijdschriften over zin en onzin van voeding, spieropbouw en vetafname. Daarin las ik dat de man testosteron en de vrouw oestrogeen gaan verwisselen met het verstrijken der jaren. Bij de man zorgt dit voor (ja lacht u maar even) borstaanplant, terwijl de vrouw een lage sexy stem ontwikkeld. Wat best mooi is. Mij zelf met deze kennis moed in sprekend, denk ik dat er bij mij dus wel eens sprake van zou kunnen zijn van enige verzakking, dat het syndroom zich bij mij twintig centimeter lager ontplooid. Geen mens het zelfde toch? Ik ben dan ook prima tevreden met mijn cup drie maal A. Houden zo. Maar vooruit, waar was ik gebleven. Uit volle borst neuriënd had ik mijn geliefde Noorderplantsoen inmiddels bereikt. De fietse op de stander en smullen van mijn koolhydraat-arme broodjes, waarvan ik de korstjes aan de verzamelde eendenbeesten voerde. Terwijl de eenden zich met lange tanden door de oh zo gezonde broodresten worstelden, kwam er een beeldschone jongedame mijn kant op geschreden. Met zwoele stem vroeg ze, ongemakkelijk achterom kijkend, of ik haar wilde helpen. Ze vertelde dat ze reeds vanaf het begin van het plantsoen gevolgd werd door een jongeman. Een beetje vreemd wellicht zei ze, maar bij elke hoofdomdraai van haar verstopte het seigneur zich achter de dikke bomen. En of ik alstublieft met haar op wou lopen naar haar huis, wat niet ver was lopen vanaf de plek waar we stonden. Vanuit mijn ooghoeken zag ik inderdaad de rand van een sportief petje om de boom heen gluren. Hier was actie geboden begreep ik en vroeg de jonge dame even op mijn nog dampende stalen ros te passen. Ridder Jean zou dit varkentje wel even wassen. Met ferme passen, onbevreesd, liep ik op de bewuste boom af en riep hard “kiekeboe”. Natuurlijk had ik mijn zwaard thuis gelaten, maar mijn begroeting en mijn zachte, dwingende hand deden de struikrover afdruipen. Nog wat bedremmeld van mijn heldendaad en van de voorbije situatie was de dame nog niet geheel gerust gesteld en vroeg mij of ik haar toch nog zou willen begeleiden naar haar huis. Ongerust als ze was dat de schobbejak haar niet ongewild zou volgen en zodoende haar adres zou komen te weten. Met de fietse in de ene hand, de dame vlakbij de andere, kwamen we aan bij een gezellig ogend studentenhuis. Duizend maal dankzeggend nam ze afscheid van mij en sprong ik met een zwierige zwaai op de Idworx, de weg vervolgend naar moeke en andere familie. Daar wachtte de beloning, van warmte en een koolhydraatrijk, versgebakken kaakje. ‘s avonds terug, weer veilig thuis, overdacht ik mijn ritje naar ‘t Groningerland nog eens en dacht, hoewel ik vele bomen ben gepasseerd, dat er maar achter één daarvan mogelijk onheil had verscholen. Tis nog niet zo beroerd gesteld in de wereld vond ik. De eerste avontuurlijke honderd kilometers zitten er weer op. Fijne dag allen.

© J.G.Boomsma

Zwevende kiezer

By | Alle daagjes | No Comments

Al fietsend schieten er vaak gedachten door mijn kop die nogal ver af staan van de alledaagsheid van het bestaan, maar er om de drommel wel mee te maken hebben. Zoals vorig jaar op die prachtige zonnige dag, helemaal alleen op een bankje midden op het Scharerelveld in de buurt van Westerbork. Genietend van de door mij meegebrachte eieren en bananen stonden de Schotse hooglanders mij ietwat argwanend gade te slaan wat ik daar kwam doen. Stel, dacht ik, dat het meest vooraanstaande koebeest besluit wapenonderhoud te plegen en met zijn hoorns mien fietse te grazen neemt. Een lichte paniek nam bezit van mij bij de gedachte hoe mijn Idworx van model zou veranderen. Vooropgesteld, ik ben beestachtig begaan met de natuur, maar om de stier na zijn noeste hoornslijperij te verwittigen dat ik het toch wel bijzonder onredelijk vind, gaat natuurlijk te ver. En toch, zo denkbeeldig was dit nu ook weer niet. Af en toe lees ik nog wel eens in de krant dat er een boer te grazen is genomen door een lid van zijn eigen veestapel, dus ik bedoel maar. Voor mij kan het dan ook geen kwaad, mijn gedachten zo helemaal alleen, te laten gaan en uit te spreken. Zweverigheid is mij eigen. “dan liever de lucht in!” riep van Speijk en blies zijn jacht op, om zo zijn verzekeringspenningen te innen. Dat voorval is al weer enige jaren geleden. Maar zijn uitspraak heeft bij mij niets aan kracht ingeboet. Waardoor ik vast ook tot de zwevende kiezers behoor. Ik kom dan ook pas weer beneden op het moment dat alles weer rustig is daar beneden. Vanaf een afstandje toekijken hoe gek de wereld is geworden. Mij proberen te distantiëren van de zottigheid waar ik zelf ook een deel van uit maak. Verlekkerd denken aan gezond eten en op de computer ‘zure bom’ intoetsen schijnt zelfs gevaarlijk te zijn, getuige de berichten dat er geheim agenten mee kunnen kijken. Moest een geheim agent vroeger nog opvallend onopvallend in de vakkundig verstopte microfoon in zijn vieze schoen praten, nu kan hij clean vanachter zijn scherm mee kijken door middel van een in uw pc ingebouwd microfoontje en zelfs cameraatje. Zakdoekje leggen, niemand zeggen. Tis inderdaad om te huilen al die gekkigheid. En dat allemaal voor ons eigen welzijn, zo wordt er gezegd. In ultramoderne wetenschapsruimtes worden manieren ontworpen om de mensheid steeds ouder en gezonder te laten worden. Terwijl knappe buurtjes in een dito gebouw op steenworp afstand machines in elkaar knutselen om de mensheid zo snel en massaal mogelijk om zeep te helpen. Witte reus, wast een berg, kost een beetje. Of iets in die trant. Nee, laat mij dan maar wat lichtvoetig zijn, om zodoende te proberen niet in botsing te komen met alle metershoge billboards van waar ons welzijn en voorspoed worden toe geroepen. Want laten we wel zijn, we kunnen toch ook kiezen om elkaar niet steeds weer de oren te laten wassen of dat bij die ander ongevraagd te doen?

Fijne dag allen.

© J.G.Boomsma

niet voeren

By | Alle daagjes | No Comments

In november van het afgelopen jaar nam mijn vriendin mij bij de hand, om samen een abonnement (of was het een contract?) af te sluiten bij een sportschool. Fitnescentrum zo dat zo mooi heet. Een schitterend gebouw, veel glas en volautomatische deuren, die uitnodigend, zacht zoemend openden. Met mooie dames en dito jongens achter een ruime balie. Het geluid wat uit de boxen kwam wil ik zelf nog wel eens door mijn huiskamer laten galmen wanneer ik in een balorige bui ben. Het zag er allemaal wat anders uit dan het gymnastieklokaal ,waar ik tweeënvijftig jaar geleden voor het laatst mijn oefening baart kunst strapatsen ten tonele had gebracht. Toen een uiterst vriendelijke jongeman ons de rondleiding gaf keek ik mijn ogen uit en klapperden mijn oren. Touwtrek machines, halters als treinonderstellen, dumbles, roeiapparaten, fietsen, het zou me aan niets ontbreken om mijn arme lichaam in top shape te doen geraken. Om uit te rusten van alle commotie besloot ik even te gaan zitten op een handig verstelbaar stoeltje en leerde dat dit gebruikt werd voor bankdrukken, wat mij enigszins overdreven leek, want zo zwaar was het ding toch ook weer niet. Nu, ruim drie maanden verder, weet ik de naam en de werking van alle martelwerktuigen zo uit mijn blote hoofd te stampen. Onder deskundige begeleiding van al die vriendelijke jongens in mooie blauwe trainingspakken bespeur ik enige verandering van mijn afgefietste lichaam. Weg met die hangborstjes. De iele armpje beginnen er uit te zien als gespannen elastiekies. Trots kijk ik twee maal per dag voor het badderen in de spiegel en zie in een waas de contouren veranderen, met op de achtergrond de zachte filmmuziek van de onweerstaanbare Hulk. Muziek is mooi. Zeker ik ben nog groen als gras maar voel me anders, fitter. Mijn fietskleding, vorig jaar net in gebruik genomen is de volgende oefening. Het wordt wat te nauw, dus dat betekent nieuwe kopen. Verder bestaat mijn dag nu voor een belangrijk deel uit briefjes schrijven van mijn (oude) eetgewoonten. Te veel calorieën..? Bestaat niet meer. Koolhydraten beperken en eiwitten extra, luidt sinds kort het devies. Dus loop ik nu met een calculator door de winkel. Nee, niet voor de prijs, maar om te berekenen hoeveel grammen een zak Engels drop (alweer die Engelsen) bevat. Vrolijk kwakend loop ik naar de vijver om het overgebleven bruin brood aan kwik, kwek en kwak te voeren. Nergens zulke doorvoede eenden dan achter mijn huis. Binnenkort is het nodig om een stofkapje voor te binden bij de bereiding van mijn eten. Potten droogvoer zo groot als melkbussen bevolken mijn uitgeruimde keukenkastjes straks. Mijn buik, die nu nog met een groothoeklens gefotografeerd dient te worden, wordt een wasbordje is mij verteld. Tja, dat lijkt me allemaal wel wat. Ik heb mijn lijstje weer klaar en op naar de winkel zo.

Gezonde en fijne dag allen.

© J.G.Boomsma

Freek van de week

By | Alle daagjes | No Comments

Een krant waait zielloos en doelloos langs de straat. De straatstenen, donker en nat, lijken het vod te willen vangen, maar verliezen het van de wind. Zou die nog aantrekken? De radio zegt van wel. Geeft deze donderdag een vrolijk geel gecodeerd kleurtje. Was dat nieuws..? Nou ja, er is slechter nieuws denk ik. Van veel nieuws word ik niet vrolijk. Toch lees ik ook grappig nieuws. Daar word ik vrolijk van. Zoals dat van Freek Vonk; Freek wilde een dagje naar de haaien, maar raakte verzeilt in een bloedstollend gevecht met een der lekkerbekjes. Tot verbijstering van nieuwsjagers kwam Freek, met een koene blik vanachter zijn duikbril, als overwinnaar boven. Zijn tandpasta lach sierde alle kranten. Nu heeft een haai slechte oogjes, anders was hij er nooit aan begonnen. Denk ik. De schittering van die parelwitte lach moet het dier een moment verblind hebben. Mijmer ik, terwijl ik een afwezige blik op mijn vissenkom werp. Bij het lezen van al dat dagelijkse nieuws leg ik de krant nog wel eens terzijde, om mij zodoende een voorstelling te kunnen geven van de gang van zaken zoals voorgespiegeld. Soms lukt dit. Vaak niet. Volgens het nieuws wordt het ons binnenkort noodzakelijk gemaakt een extra abonnement af te sluiten. Binnen afzienbare tijd verschijnt de eerste heuse oplage van “Nepnieuws”. Niet van echt nieuws te onderscheiden, al naar gelang de welgevalligheid van de lezer, als waar gedrukt aan te nemen of terzijde te schuiven. Hadden we vroeger grappenmakers die op 1 april hun joligheden aan het krantenpapier toe vertrouwden, tegenwoordig hebben we spindoctors die haarfijn weten hoe het volk een poets te bakken. Tis me wat moois. Freek schijnt overigens aardig af gevallen te zijn na zijn avontuur. Nu ga ik er even uit. De stormluiken rammelen inmiddels. Gezellig bij het schemerlicht lees ik de nieuwe avonturen. “Freek in Antarctica”. Fijne dag allen.

© J.G.Boomsma

Oudjaar

By | Alle daagjes | No Comments

Bij deze wil ik een ieder bedanken die het afgelopen jaar op welke manier dan ook betrokken is geweest bij mijn fietstocht. Ook Nanda en Marjan, die hebben meegeholpen met de publicatie van mijn boek. Alleen was mij dit niet gelukt.  Zo zit ik toch een beetje terug te blikken, terwijl de radio op de achtergrond de mooiste nummers speelt. Een beetje wit om de neus van een verkoudheidsvirus en door de gepoederde oliebollen. Lekker warm binnen, kijk ik af en toe bezorgd naar buiten hoe de vuurwerktraditie zich ieder jaar verder ontplooit tot hef feest van ontploffingen en felle flitsen. De eerste hulpposten kunnen de vingers er op natellen dat het weer gezellig druk wordt, vrees ik. Maar ik ben vergeeflijk hoor. Zelf heb ik mijn trommelvliezen eens gescheurd door een door een handige zwager in elkaar gelaste lanceerinrichting, waar wel een pond carbid in paste. Om zeker te weten dat dit voldoende was had ik het gewicht van het geurende goedje voor de zekerheid nog wat opgehoogd. Altijd weer die twijfel he. Met het gevolg dat ik geluidloos het nieuwe jaar binnen dook. Maar die gekkigheid waag ik me nu niet meer aan hoor. Nu zie ik vaders die zich geïnteresseerd,  als een volleerd pyrotechnicus voorover buigen over niet ontplofte nitraten en andere bommen, want het is toch zonde dat het effect uitbleef nietwaar? Nee, mij te spannend allemaal. Ik sluit het gordijntje weer en geniet de laatste uren van dit bijna voorbije jaar van de muziek. Ik wens een ieder een goed uiteinde en veel geluk in het nieuwe jaar.

© J.G. Boomsma

Het stokje overnemen

By | Alle daagjes | No Comments

De verdoving is uitgewerkt. Om maar niet geconfronteerd te worden met de pijn die Berlijnse beelden bij me oproepen, steek ik mijn kop in het zand. Weg met die narigheid. Geen Aleppo, Nice, Jeruzalem, Parijs. Oh, zeker! Er ontbreken nog een stuk of wat plaatsen. Maar het liefst kom ik vandaag ook nog weer even boven. Het leven gaat voor de meesten toch ook gewoon door nietwaar. Toen ik gisteravond in alle zorgvuldigheid, met enige voorpret, mijn eigen muziekbibliotheek voor de avond had klaar gelegd, kon ik een gevoel van zelfvoldaanheid  niet onderdrukken. Sterker nog, ik gaf mij er aan over. De Wiener Philharmoniker (een dubbel, dus een hele dikke) en Nils Lofgren wachtten op voorrang te verdwijnen in het magische laadje van de afspeler. Voor twee altijd weer te korte uren verplaatste ik mij weer even in mijn eigen Blues. Reeds bij de eerste klanken braken de dijken en stroomden de tranen. Maar dat gaf niet. Bij mooie klanken hoort dat zo. Het brengt inspiraties, maar meer nog aspiraties bij mij boven. Is het niet zo dat licht verder reikt dan wij denken? Zou het daarom niet mogelijk zijn dit licht te laten vergezellen van muziek? Nog helder van geest komen beelden en klanken bij me boven uit 1984. BAND AID heette de groep muzikanten. Muziek verbroedert. Maakt geen onderscheid, verenigd. Haal muzikanten all over the world over, red hen van de culturele beknotting van hun landen van herkomst. Breng hen tesamen. Laat alle lelijke dingen en woorden achterwege die we met ons allen steeds weer uiten. Laat de instrumenten de mistroostige bassen van populisme achter de coulissen verdwijnen. Wie wil de dirigent zijn..?

Gezegend kerstfeest gewenst!

© J.G.Boomsma

Anders Diep

By | Alle daagjes | No Comments
Anders Diep

Anders Diep

Ontelbaar zijn de uren dat ik aan tafel zat. Overdonderd, trots, maar ook heel blij ben ik nu, dat ik vandaag het resultaat heb mogen aanschouwen. Ontelbare gedachten en zinnen, door mijn uitgever verwerkt en gekaft, in mijn eigen eerste boek.

Webwinkel Boekscout